Column: Als eten niet vanzelfsprekend is….

Kleine broer heeft al vanaf dag één problemen met eten. Ik kwam er al heel snel achter dat hij geen zuigreflex had. Na van alles proberen kwam ik uit op een fles met een speen waarvan ik het gat groter had gemaakt. Ik goot dan wat melk in zijn mond en wachtte tot hij het doorslikte. Wat hij gelukkig wel zelfstandig kon.

Aangezien kleine broer gigantisch onder het eczeem zat, was ik bang dat hij allergisch voor de voeding was. Dus over op de hyper allogene voeding. Dat ging wat beter. Op advies van de arts zijn we pas na zes maanden begonnen met fruithapjes. Steeds laten wennen aan één fruitsoort per keer om te kijken of dat goed ging. Het duurde een tijdje voordat hij de kauwbeweging onder de knie begon te krijgen. Het was duidelijk dat zijn mondspieren niet echt goed ontwikkeld waren.

Het eten is altijd heel beperkt bij hem gebleven. Aangezien het mij al snel duidelijk was dat hij motorisch en zintuigelijke problemen had met het eten, heb ik er nooit een strijd van gemaakt. Ik ben gaan zoeken naar de balans tussen wat hij lekker vond en wat hij nodig had.

Kleine broer eet  graag neutraal. Neutraal van smaak maar meestal ook van kleur. Als het eten maar een beetje gekruid is wordt Kleine broer al gek van de prikkels in zijn mond. Inmiddels heb ik hem kunnen leren dat hij niet meer in de paniek hoeft  te schieten maar beter kan vragen om een glas water. Maar het feit blijft dat hij zelfs licht gekruid eten niet kan hebben.

Het liefst eet Kleine broer bruin brood (niet volkoren en vooral geen korrels of zaden in het brood), jonge kaas, pannenkoeken en cherry tomaatjes. De cherry tomaatjes zijn wat kleur betreft niet echt neutraal maar gaan er in zoals snoepjes bij andere kinderen. Er staan hier dus elke dag tomaatjes op de tafel!

Inmiddels heeft Kleine broer wel de chocolade ontdekt… (Dat kan ook niet anders met zo’n moeder, hoor ik jullie denken! ;-)) Sommige biscuitjes vind hij ook lekker maar snoepjes vind hij helemaal niets. En dat is best lastig want op schoolreisjes gaan er altijd snoepjes mee en is er niets voor Kleine broer. Ook bij veel vriendjes word er een snoepje gegeven en zegt Kleine broer maar “nee”.

Maar aangezien Kleine broer een sterk wisselende suikerspiegel heeft, moet hij elke 2,5 a 3 uur wat eten om te voorkomen dat hij zich slecht gaat voelen. Dit hebben we nu maar opgelost door hem altijd en overal zijn eigen rugzakje met drinken en eten mee te geven. Hij weet inmiddels niet meer beter. 😉

Sinds deze week heb ik ontdekt dat als ik zijn vlees op een bruin broodje doe met de groenten er naast, zijn hele bord veel sneller leeg gaat dan als ik het broodje weglaat. Waarom dat zo is snap ik nog niet maar op deze manier krijgt hij alles binnen wat hij nodig heeft.

Het is inmiddels routine geworden om rekening te houden met het eten van Kleine broer. Als ik pasta kook, hou ik wat apart voor Kleine broer voordat ik er vlees en groenten doorheen doe. Een paar plakjes kaas over de pasta, wat komkommer en cherry tomaatjes erbij en Kleine broer zit te smullen.

Al met al blijft het een hele uitdaging om hier elke dag een gezonde maaltijd op tafel te zetten die door iedereen gegeten wordt!

Heidi
carpediem-handtekening

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Time limit is exhausted. Please reload the CAPTCHA.

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.