Onderprikkeling

Onderprikkeling bij autisme

In het artikel over overprikkeling op deze site staat het al duidelijk aangegeven: mensen met autisme hebben moeite met het verwerken van alle informatie die op hen afkomt. Doordat er teveel informatie binnen komt en dat niet gefilterd kan worden, kunnen ze overprikkeld raken.
Maar wist je dat diezelfde informatie ook NIET binnen kan komen? En dat je dan spreekt over ONDERprikkeling? Onderprikkeling kan immense gevolgen hebben en tot ondervraging leiden. Iets wat minstens net zulke problemen kan opleveren als overprikkeling. In dit artikel probeer ik in het kort uit te leggen wat onderprikkeling is, waar dat toe kan leiden en wat je er aan kunt doen.

Bij onderprikkeling komen te weinig prikkels binnen, waardoor de hersenen zich “leeg” voelen en stoppen met gegevensverwerking. Resultaat: geen actie, niets zien en niets horen. Geen pijn voelen. Geen honger- of dorstimpuls. Niet voelen dat je ziek bent of koorts hebt. Niet op tijd naar het toilet gaan omdat je geen aandrang voelt. En niet tot actie komen. Allemaal zaken die ernstige gevolgen kunnen hebben, zowel praktisch als psychisch.

Voorbeeld:
Het is mij persoonlijk meerdere malen overkomen dat ik een abces in mijn mond had. Simpelweg omdat ik geen pijnprikkel ervoer toen er een gaatje in mijn gebit ontstond. Het gaatje werd groter en groter, begon te ontsteken en eindigde uiteindelijk in een abces. En pas toén voelde ik de pijn. Van het ene moment op het andere. Onnodig te zeggen dat mijn gebit er dusdanig ernstig onder geleden heeft dat ik inmiddels een prothese heb.

Tot zover een lichamelijk gevolg. Maar we kennen ook allemaal die kinderen waarvan we wéten dat ze meer kunnen dan eruit komt. De kinderen waarvan de docent zegt “Jantje kan wel, maar Jantje wil niet.” De kinderen die uiteindelijk een lagere vervolgopleiding gaan volgen dan waar ze eigenlijk toe in staat zijn, met alle gevolgen voor werk en uiteindelijk zelfs het pensioen van dien.
Of die volwassene die wel weet hoe hij/zij een huishouden moet runnen, maar toch de boel laat vervuilen. Simpelweg omdat hij/zij niet tot actie komt, wat een immens gevoel van onmacht oplevert voor de persoon in kwestie. Ernstige voorbeelden, die zeker alle aandacht verdienen.

Maar wat kun je ertegen doen? Van belang is primair dat er voldoende passende prikkels worden toegediend. Soms worden prikkels opgezocht om de informatiestroom weer op gang te brengen. Dat kan zich uiten in bijvoorbeeld wiegen, geluiden maken, met het hoofd ergens tegenaan bonken of op het hoofd slaan of ijsberen of rondjes draaien.
Het is zaak dat de omgeving passende prikkels gedoseerd toedient. Denk bijvoorbeeld aan beweging, sport of muziek. Het kan ook meteen een probaat middel zijn om te leren een andere manier van prikkels zoeken in te zetten, die zonder gevaar voor de gezondheid zijn. Want met je hoofd tegen een muur aanbonken, kan natuurlijk nooit goed zijn. Daarnaast is een strak schema vaak een oplossing, vergezeld van iemand die ervoor zorgt dat er dan ook daadwerkelijk actie genomen wordt.

Ook hiervoor kan het sensorisch profiel een uitkomst zijn. Niet alleen omdat je daarmee exact in kaart kunt brengen voor welk soort prikkels iemand onder- of overgevoelig is, maar ook omdat je daarmee adviezen krijgt over hoe nu verder te handelen.
Ander heel belangrijk aspect van het sensorisch profiel is, dat je inzicht krijgt in wat er speelt. De symptomen van over- en onderprikkeling kunnen elkaar helaas overlappen, waardoor een misverstand snel geboren is. En je moet er toch niet aan denken wat je iemand met autisme aandoet als dat gebeurt.

Barbara de Leeuw, Praktisch Autisme
Autismecoach/pedagoog en ervaringsdeskundige
www.praktischautisme.nl